Code Wifi: denken als een computer om vluchtelingen te helpen

Nieuw boek in de serie Lees je digiwijs

Afgelopen zomer – toen kon het nog – ging ik met mijn gezin op Interrail. We hadden een maand de tijd om Europa met de trein te bereizen. Wij besloten naar Berlijn te gaan om daarna naar het zuiden af te buigen, naar Budapest en Praag. De vakantie zou afgesloten worden met een weekje Kroatië en op de terugweg naar huis was Wenen aan de beurt. Een mooi avontuur. Nog extra mooi omdat deze reis me inspiratie gaf voor mijn nieuwste boek: Code Wifi. In dit boek willen Aleks en Sofya twee vluchtelingenkinderen helpen. Daarom moeten ze leren denken als een computer.

Digitale geletterdheid

Net voor vertrek kreeg ik een mooie opdracht van Uitgeverij Zwijsen die goed bij mijn doelen paste: schrijf een boek over digitale geletterdheid. Ik koos voor het onderwerp computational thinking. Het verhaalidee moest na de zomer opgestuurd zijn, dus ik had de hele vakantie de tijd om ideeën in me te laten opborrelen.

Al snel was het me duidelijk dat ik geen boek wilde schrijven dat sec over computers ging. Nee, het zou een detective-achtig verhaal worden waarbij kinderen computers zouden gebruiken om een belangrijke kwestie op te lossen. Een milieuprobleem? Nee, die boeken zijn er al veel. Een bende oprollen die dieren stelen? Mwah, ook al veel gedaan. Wat het dan wel zou zijn, wist ik nog niet zeker.

Wij zaten in een oude trein, maar onderweg kwamen we ook deze snelheidsduivels tegen.

Op een klein stationnetje

Dat de reis me letterlijk inspiratie zou geven, had ik in eerste instantie niet door. Totdat de trein wel heel lang stilhield bij een klein station. Dit was een speciaal grensstation waar de trein in gereden was. Net als bij elke grens werden we door twee conducteurs gecontroleerd. Maar deze controleurs leken best veel op soldaten. En de manier waarop de controle werd uitgevoerd, was wel heel bijzonder. Ik besloot een notitie te maken, in het kader van je weet maar nooit. Deze specifieke manier van controleren is uiteindelijk ook in het boek beland. Wat er verder in en om de trein gebeurt, is allemaal verzonnen.

Dit station was de inspiratie voor de locatie van het boek.

Want plots kwamen Sofya en Aleks mee op reis. Zij mochten met hun oma mee naar Kroatië. Zij was ooit gevlucht voor de oorlog en wilde haar kleinkinderen graag laten zien waar ze opgegroeid was. Net als wij reisden Sofya en Aleks met de trein. Zij stonden ook stil bij de grens. Maar Sofya, Aleks en hun oma moesten uitstappen. En in het grensplaatsje ontmoetten zij twee kinderen die op de vlucht waren. Zonder hun ouders. Dat is de start van een gevaarlijk avontuur. Want Aleks en Sofya doen er alles aan om de twee, Ammar en Jara, te helpen. Daarvoor hebben ze wifi nodig en moeten ze weten hoe ze een code kunnen hacken. Ze bedenken dus Code Wifi: denken en handelen als een computer!

Vluchtelingen helpen door hacken

Dat dit boek naast computational thinking, vluchtelingen als thematiek heeft, is eigenlijk niet raar. Al mijn hele leven trek ik me het lot aan van mensen die huis en haard moeten verlaten. Ik ben zelf geen moedige vrouw die een oorlogsgebied in gaat, of die vluchtelingen gaat helpen op Lesbos. Maar ik hoop dat ik op deze manier een steentje kan bijdragen aan het besef dat er mensen op de wereld zijn die met andere dingen te kampen hebben. En dat je – ook als kind – altijd iets kunt doen om te helpen. Niet elk kind zal kunnen hacken, en dat moeten we denk ik ook niet willen. Maar door logisch na te denken, en stapsgewijs te bedenken wat je wel kunt doen (ja ja, computational thinking is dat, denken als een computer) kan je al een groot verschil maken.

Hoe het bij ons afliep in de trein? Wij mochten doorreizen. En wat we verder beleefden in al die landen, kun je ook lezen in het boek. Een voorproefje lees je hieronder.

Bladerversie Code Wifi. Een kinderboek in de serie ‘Lees je digiwijs’ over leren denken als een computer

Geheime vertaalklus, maar om welk boek ging het …?

Vertrouwelijk

Een paar maanden geleden ontving ik een bijzondere envelop van Uitgeverij Zwijsen. Vertrouwelijk stond erop. In de envelop zat een manuscript. Onder geen beding mocht de inhoud bekend worden bij derden. Want de film Frozen II van Disney – waarvan een boekbewerking in de envelop zat – zou pas in november uitkomen. Ik kan gelukkig goed geheimen bewaren. Dus hield ik mijn mond dicht. Ondertussen werkte ik afgelopen zomer in het geheim aan de hertaling van het boek over de film.

Wachtwoorden

Omdat de Amerikaanse auteur nog volop aan het schrijven was, betekende dat werken aan diverse herzieningen. De schetsen – en later de illustraties – die ik digitaal ontving, werden versleuteld met een wachtwoord en ook mijn vertaling kreeg een speciale code. Zo pingpongden de redactie en ik stiekem op en neer. 

Tadaa!

Vorige week viel het resultaat van het harde werk op mijn deurmat. Waar ik normaal gesproken dit heuglijk feit meteen deel via Social Media, moest ik nog steeds mijn mond dicht houden. Pas vanaf 20 november – vandaag dus! – mag ik het wereldkundig maken: De serie Makkelijk lezen met Disney van Uitgeverij Zwijsen heeft er weer een nieuw boek bij: Frozen 2. En ik mocht het vertalen!

Bestellen kan hier!

Dat moet gevierd worden met … een bezoekje aan de film? 

Practice what you pitch

Sinds een paar jaar geef ik les aan de Academy for Creative Industries. Tijdens de lessen concepten en communicatietheorie besteden we aandacht aan pitchen; wat je moet doen en vooral wat je moet laten. Interessant onderwerp, waar ik in de studenten goed in kan begeleiden. Ik zie wat goed is, waarom het goed is, en hoe het beter of spannender kan. In theorie. Voor hen. 

Wanneer ik zelf moet pitchen voor een nieuwe klant of opdracht komt de praktijk heel hard in mijn gezicht waaien. Dan vergeet ik al mijn eigen pointers en vaar ik op mijn intuïtie. Ik improviseer dan heel wat af. Althans dat denk ik. Want feit is: juist doordat ik alles tot in de puntjes heb voorbereid, kan ik improviseren. Doordat het verhaal in mijn lijf verankerd zit, kan ik spontaniteit toelaten. Dat werkt (meestal) goed. Want pitchen is voorbereiden om daarna los te laten.

Is het verhaal helder?

Als ik thuiskom na zo’n eerste gesprek, beginnen mijn gedachten te ratelen. Ik vraag me dan af of mijn spontaniteit wel goed viel bij de potentiële opdrachtgever. Zouden ze me niet té enthousiast vinden? Was mijn verhaal wel helder? Heb ik het concept goed genoeg kunnen overbrengen? Was ik niet te persoonlijk? Dat soort twijfels besluipt me dan. Totdat ik me realiseer dat dít het is. 

Ik kan niet anders dan mezelf zijn. Professioneel, maar vooral ook altijd mijn eigen echte ik. En dat betekent dat je soms een wervelwind langs ziet komen, vooral als ik enthousiast over iets ben. Dat ik persoonlijke anekdotes in een verhaal verweef als ik naar de algemene deler zoek. Dat ik soms drie stappen te snel kan gaan. Dat ik de nabijheid opzoek. En als dit niet past bij een nieuwe klant, is dat niet erg. Het maakt mij niet minder, maar de klant ook niet. We zijn dan simpelweg niet bestemd om de reis samen aan te gaan. 

Gelukkig zijn dit soort gedachten vooral onzekerheden, want meestal is de klik die ik tijdens het gesprek voelde, en me triggerde om mezelf te laten zien, er echt. Negen van de tien keer mondt de kennismaking uit in een geweldig leuke samenwerking. Ik hoop dus dat ook bij mijn laatste pitch gebeurt, want tja … je snapt vast dat ik bovenstaande gesprek vandaag met mezelf voer in ‘afwachting’ van de reactie op een pitch voor een heel leuke opdracht. 🙂

Apeldoorns Uiltje voor Enter de Game Zone

Waaaaaah! Dat ging er vanmiddag door me heen ik me toen ik in CODA tijdens het Kinderboekenweekfeest het Apeldoorns Uiltje kreeg uitgereikt door scholier Matthijs Rutting en CODA-directeur Carin Reinders. Wat een opsteker dat schoolkinderen in Apeldoorn tijdens de Nederlandse Kinderjury het vaakst hebben gestemd op mijn boek Enter de Game Zone (als je durft). Deze kinderen durfden het dus aan :-).

Ik gaf tijdens het Kinderboekenweekfeest een workshop: Verborgen Verhalen. Zo leuk om te zien welke verhalen kinderen te voorschijn toverden bij de foto’s die ik had meegenomen. Dat ze als ze even vastzaten, met een paar vragen van mij weer op dreef raakten. Dat sommige kinderen net als ik vroeger niet konden stoppen met schrijven. En dat kinderen die eigenlijk de drempel niet over durfden, na een trigger van mij toch ook kwamen meedoen.

En ook fijn om van mijn doelgroep te horen dat er een run in de klas was op mijn boek. Dat kinderen ook echt de quiz deden om te zien of ze verslaafd waren en met de uitslag naar de juf of meester gingen, en dat ze het een interessant maar vooral ook leuk boek vonden om te lezen.

Ik blijf het zeggen: ik ben trots op alle boeken in de serie Zoeklicht Dyslexie Informatief. De doelgroep betrekken bij de ontwikkeling van je product, werkt! Mooi om te nu ook te merken dat meer kinderen enthousiast zijn over de boeken. Ook degenen die niet dyslectisch zijn. Een echte inclusieve serie dus.

Optreden op het kinderboekenweek-feest bij CODA

Nog een weekje en dan mag ik een workshop gaan geven tijdens het Kinderboekenweek-feest bij CODA in Apeldoorn. Het programma is zo tof!

In mijn workshop neem ik de kinderen mee naar de grens tussen echt en niet-echt, een plek waar ik zelf heel graag vertoef. Ofwel: de grens tussen fictie en non-fictie. Wat zien zij als ze om zich heen kijken? Een huis, een man, een kat? Of zien ze de spoken die in het huis leven, de avonturen die de man beleeft, een verliefde kat? Verhalen liggen voor het oprapen als je goed om je heen kijkt en luistert. Maar ook als je naar beelden kijkt. Welk verhaal zit er in foto’s verborgen? Van de foto hiernaast slaat mijn fantasie bijvoorbeeld meteen op hol.  Tijdens mijn workshop leren kinderen hoe ze een hele wereld kunt creëren aan de hand van één foto. Na afloop van de workshop krijgen ze natuurlijk de foto én hun eigen verhaal mee.

Naast mijn workshop zijn er nog veel meer dingen te doen in CODA.  Collega’s Reggie Naus, Angelique van Dam en Hélène Jorna zijn er ook. En ik hoop zelf nog een kijkje te kunnen nemen bij de VR workshops en een dansje mee te kunnen doen. Hopelijk zie ik je 6 oktober in Apeldoorn!

Schaduw van de leeuw

Lees dit boek van Linda Dielemans! Het deed mij sterk denken aan Junglebook en wat mij betreft heeft Schaduw van de leeuw het ook in zich om een klassieker te worden. Ik mocht er voor Uitgeverij Leopold een lesbrief bij schrijven (én opmaken) en werd direct meegesleept in het prachtige verhaal over Joeni en haar stam. Een pareltje.

Omslag is van Martijn van der Linden.

Enter de game zone op de tiplijst van de Kinderjury

Wat een mijlpaal! Enter de game zone (als je durft) is een van de 50 boeken voor kinderen van 10 tot 12 jaar die op de tiplijst van de Kinderjury staan. Trots! Staat mijn tweede boek gewoon tussen al die grote namen.

Twee andere boeken uit de serie Zoeklicht Dyslexie Informatief waarvan ik de projectleiding deed, staan ook in de selectie. Wat een feest!

Vanaf 7 maart kan er gestemd worden. Hoe mooi zou het zijn als een van de boeken speciaal voor kinderen die moeite hebben met lezen, ook echt genomineerd gaat worden. Help jij mee?

‘Doe waar je van houdt’

Wat een inspiratie is deze balletdanseres. Suzelle Poole dacht dat ze maximaal 20 jaar zou dansen, maar 50 jaar later danst ze nog. Doe waar je van houdt, is haar boodschap. En die kan ik alleen maar beamen. Als je weet waar je hart ligt, twijfel dan geen moment en ga ervoor … vlieg! Ook als je ‘maar’ gemiddeld bent in datgene wat je graag doet. Kijk naar haar ogen en je ziet dat er maar één weg is. Ik hoop dat ik over 30 jaar net zo mag stralen als deze prachtvrouw …

Ad en het rode bolletje in ‘Enter de gamezone’

Daar is hij dan: mijn nieuwe boek Enter de gamezone (als je durft). Negen maanden nadat ik de opdracht kreeg om het boek te maken, ligt het in de winkel. De draagtijd is dus nagenoeg dezelfde als bij het maken van een baby. Geen wonder dat het voelt alsof ik mijn eigen baby de wereld in stuur. Loslaten is een groot goed.

Natuurlijk ben ik trots op het hele boek dat over veel aspecten van gamen gaat. Maar mijn favoriete spread is toch die over de stofjes die vrijkomen tijdens het gamen. Hun namen heb ik namelijk gemakshalve afgekort  (want het is een boek voor kinderen die moeite hebben met lezen). Een van de stofjes is adrenaline en kreeg de naam Ad.
Dat mijn vader zo heette was toeval. Maar toen de stofjes tot leven kwamen door de illustraties  van Johan Klungel, kreeg de tekening van Ad voor mij wel een heel bijzondere lading. Als fanatieke coach moedigt hij een poppetje aan dat wegrent. En prompt zie ik voortaan steeds als ik naar dit plaatje kijk mijn overleden vader die mij aanmoedigt om vooral zo door te gaan. Dat ik in dat geval een rood rond bolletje ben, neem ik dus maar voor lief.

Nieuwsgierig naar het boek? Ren naar de winkel!

Durf te dromen en dan ook doen :-)

Ik ben een dromer. Bedenk allerlei mooie plannen, maar  voer 99 van de 100 plannen niet uit. Dat ik ook een doener ben, doet daar niets aan af. Zodra ik voor mezelf aan de slag ga, met een mooi concept of een fijn verhaalidee, blijft het vaak steken bij het idee. Mag ik echter voor een opdrachtgever een nieuw concept bedenken, aan een boekenserie werken of een boek schrijven? Dan start ik met dromen, maar ga erna direct aan de slag. Hard werken om de gestelde deadline te bereiken. Want dromen moet je waarmaken. Lees verder